Dieridentificatie
Als
uw (huis)dier wegloopt wilt u het natuurlijk zo snel mogelijk weer terugvinden.
Omdat dieren niet in woorden met ons kunnen communiceren is het noodzakelijk
dat uw dier wordt voorzien van een bepaalde vorm van identificatie. U
kent bijvoorbeeld wel de ringen om de poten van vogels en de gele flappen
aan de oren van koeien.
Honden en katten krijgen vaak een halsbandje om. Aan het halsbandje hangt
een kokertje met bijvoorbeeld uw adres en telefoonnummer. Het grote nadeel
hiervan is dat de dieren het halsbandje, of alleen het kokertje, vaak
verliezen.
De tatoeage, zoals deze bij honden in het verleden vaak werd gedaan is
ook niet ideaal. Uw dier loopt hiervoor een paar weken met groene oren
rond. En na verloop van tijd wordt de tatoeage slecht leesbaar. Het aanbrengen
van een tatoeage is daarom ook sinds 1 januari 2002 verboden.
Sinds medio 1996 is het toegestaan om een transponder te gebruiken voor de identificatie. De transponder wordt ook wel chip genoemd. Elke transponder heeft een uniek nummer. Uw persoonlijke gegevens zoals naam adres en telefoonnummer worden gekoppeld aan dit nummer en bij één van de databanken geregistreerd. De betere databanken werken samen met nationale en internationale verwijsdatabanken zoals www.dierkwijt.nl (SDGN), europetnet.com (EPN) en PetMaxx.com. Uw persoonlijke gegevens worden niet aan deze verwijsdatabanken bekend gemaakt, deze zijn alleen bekend bij de databank zelf. Bij PetBase kunt u zelf aangeven of u wilt dat uw gegevens zichtbaar zijn of niet. Gegevens kunnen alleen worden opgevraagd aan de hand van het 15-cijferig chipnummer.
Transponders
Een
transponder is een minuscuul stukje electronica, goed verpakt in zogenaamd
bioglas. De afmetingen zijn gering, het is een buisje met een diameter
van ca. 2 millimeter en een lengte van ongeveer 9 millimeter.
De transponder werkt volgens een zeer eenvoudig principe. In het buisje
zit een chip en een antenne (een spoeltje). Normaal gesproken doet de
transponder helemaal niets. Echter als er een zogenaamde transponderlezer
in de buurt komt vangt de transponder daar een signaal van op. De ongevaarlijke
electromagnetische straling die de transponderlezer uitzendt wordt door
de transponder gebruikt om een uniek nummer terug te zenden. Dit nummer
bestaat uit 15 cijfers of letters en is vastgelegd in een ISO standaard.
De transponderlezer vangt het signaal van de transponder op en geeft dit
weer op een schermpje of stuurt het door naar een computer. Aan de hand
van dit nummer kan bijvoorbeeld uw dierenarts de gegevens over het dier
en de eigenaar opvragen.
De
transponder is overigens geheel ongevaarlijk voor uw dier. Het stukje
bioglas wordt ingebracht met een soort injectienaald. Iets wat een dierenarts
doet zonder dat uw dier er erg in heeft. De transponder wordt na verloop
van tijd omgroeid door het weefsel en blijft zo goed op zijn plaats zitten.
In het plaatje links ziet u een transponder naast een Eurocent in gelijke
verhoudingen.
Opvragen van gegevens
Als de transponder is geïnjecteerd bij uw dier, worden de gegevens
van het dier en de eigenaar geregistreerd bij een van de databanken.
Indien u toestaat dat uw gegevens via Internet geraadpleegd mogen worden
dan kan iedereen, die in het bezit is van het juiste chipnummer,
uw adresgegevens opvragen. Als u ervoor kiest om uw gegevens niet op die
manier beschikbaar te stellen dan zijn uw gegevens alleen zichtbaar voor
de aanmeldende instantie.
Uw gegevens zullen nooit gebruikt worden voor commerciële doeleinden.
Voordelen van centrale dierregistratie
Het grootste voordeel van centrale dierregistratie is natuurlijk dat
uw vermiste dier zo snel mogelijk weer bij u terug is.
Meer weten?
Voor meer informatie en vragen kunt u terecht bij de pagina "contact
met PetBase".


